Bel me 085 105 04 53

Assalaamoe 'alaikum,

 

Ik ben Adil Raijoul, boekhouder en oprichter van Adil Administratie.nl.

 

Administratie en belastingen zijn ingewikkeld, daarom help ik zzp'ers in heel Nederland met hun administratie en belastingen.

 

Met mijn diensten kun je zorgeloos zzp'en en ondernemen.

Waarom Adil Administratie.nl? 


Diensten


Starter?  

 

Ik help gratis je met:

het opstarten

de administratie en boekhouding

aftrekposten

btw aangifte

financiële en fiscale tips

 

Voor de startende zzp'er

ZZP'er?

 

Ik help je met:

de administratie en boekhouding

aftrekposten

aangifte omzetbelasting

aangifte inkomstenbelasting

financiële en fiscale tips 

 

Voor de freelancer en zzp'er  

Waardevolle financiële en fiscale artikelen 


Nieuwsberichten 


Spullen bestellen bij buitenlandse webshops kan voordelig zijn. Soms zijn de prijzen beduidend lager en berekenen de winkels geen verzendkosten. Maar als de postbode de bestelling aflevert, wacht een nare verrassing: er moeten invoerrechten en btw betaald worden. Hoe zit dat precies?

 

Nederlanders kopen steeds vaker spullen via internet. Ruim 11 miljoen mensen hebben in 2016 weleens wat online besteld, blijkt uit een enquête van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

 

Meestal gaat het om het boeken van reizen of vakantie-accommodaties, maar ook boeken, films en kleding worden steeds vaker via internet besteld. Dat doen we het liefst bij grote online retailers als bol.com, Wehkamp, Zalando en Coolblue. Maar het kan lonen om ook eens over de grens te kijken.

 

Voordeliger in het buitenland

Bij de Duitse en Britse afdelingen van Amazon zijn artikelen soms beduidend goedkoper, en betaal je voor boeken en andere media en bestellingen van meer dan 29 euro geen verzendkosten.

 

Of je maakt gebruik van de gunstige dollarkoers en bestelt een tweedehands iPad in de VS. De (namaak)kabel om de iPad op te laden kun je voor enkele euro’s halen bij een Aziatische webshop als DealeXtreme. Daar betaal je geen kosten voor de verzending naar Nederland.

 

Maar pas op: het invoeren van goederen is wel aan regels gebonden. Daarbij is het allereerst van belang of je het artikel bij een bedrijf hebt besteld dat gevestigd is binnen de grenzen van de Europese Unie.

Binnen de EU

Binnen de EU is er vrij verkeer van goederen. Dat betekent dat je geen invoerrechten of btw hoeft te betalen. Dat laatste is al betaald in het land van aankoop.

 

Toch zijn er enkele beperkingen. Zo mag je niet alle producten invoeren in Nederland, zelfs als ze uit de Europese Unie komen. Tabaksproducten mogen bijvoorbeeld alleen het land in als daarop een Nederlandse accijnszegel zit. Dat is doorgaans bij aankopen bij buitenlandse webshops niet het geval. De douane neemt de sigaretten of shag dan in beslag.

 

Ook is het verboden om namaakgoederen, bedreigde dier- en plantensoorten en cd’s of dvd’s met illegaal gekopieerde muziek in te voeren. Het invoeren van (nep)wapens, munitie, geneesmiddelen en drugs mag alleen met een vergunning. Klik hier voor een lijst met alle bijzondere producten.

 

Buiten de EU

Bestel je iets bij een internetwinkel van buiten de EU, dan hangt het van de waarde van de bestelling af of je belasting moet betalen. Tot 22 euro (exclusief verzekerings- en vervoerskosten) hoef je geen douanerechten of omzetbelasting af te dragen. Dat iPad-kabeltje uit China van 4 euro kun je dus laten opsturen zonder dat er aanvullende kosten bijkomen.

 

Zijn de bestelde producten tussen de 22 en 150 euro waard, dan hoef je geen invoerrechten te betalen. Maar je bent wel verplicht om 21 procent btw af te dragen.

 

Bij leveringen van 150 euro of meer betaal je zowel btw als invoerrechten. Die douanerechten variëren per productsoort. Zie daarvoor dit overzicht van de Belastingdienst.

 

De belastingen wordt geheven over de totale waarde van de bestelling, inclusief verzend- en verzekeringskosten. Bestel je dus twee producten van 15 en 170 euro en bedragen de verzendkosten 10 euro, dan moet je btw en invoerrechten betalen over 195 euro. Zie ook deze rekenvoorbeelden van de Belastingdienst.

 

Voor kleinere bestellingen kan het lonen om de levering op te splitsen, zeker als de verzending gratis is. Zo kun je onder de 22 euro blijven en belasting vermijden. Wil je vooraf berekenen of in het buitenland bestellen voordelig is? Check dan de rekenhulp op invoercalculator.nl.

 

Inklaringskosten

Het doen van de aangifte bij de douane wordt vrijwel altijd afgehandeld door het postbedrijf dat de bestelling levert. Zij baseren de aangifte op de vervoer- en verzekeringskosten en de waarde van de goederen. De douane opent steekproefsgewijs pakketten om de inhoud en waarde te controleren.

 

Voor het doen van de aangifte kan de koeriersdienst inklaringskosten in rekening brengen. Ook kunnen er nog aanvullende kosten bijkomen, bijvoorbeeld voor het vervoeren van een zwaar pakket.

 

De bezorger int het totaalbedrag van invoerrechten, btw, inklaringskosten en afhandelingskosten aan de deur. De eerste twee posten draagt het postbedrijf af aan de fiscus, de rest is voor de vervoerder zelf. Kun je niet meteen afrekenen, dan neemt de bezorger het pakket weer mee.

 

Niet mee eens? Bezwaar indienen

Ben je het niet eens met de belastingen die je moet betalen over de bestelling? De Belastingdienst raadt aan om dan contact op te nemen met het koeriersbedrijf, omdat zij de douane-aangifte hebben afgehandeld. De pakketvervoerder kan een bezwaarschrift of een verzoek om terugbetaling indienen.

 

Het is ook mogelijk om zelf bezwaar aan te tekenen, maar daarvoor is wel een schriftelijke machtiging van het koeriersbedrijf nodig. Een bezwaarschrift moet binnen 6 weken na ontvangst van de douanerekening binnen zijn bij de douane.

 

Voor een verzoek om terugbetaling geldt een termijn van maximaal drie jaar; de exacte periode verschilt per situatie. Neem voor meer informatie daarover contact op met het postbedrijf dat de bestelling geleverd heeft.

 

Bron: Business Insider

 

 

Lees meer »

Wie slim gebruik maakt van aftrekposten, kan aardig wat geld besparen. Helaas is er voor de meesten van ons op dit terrein weinig mogelijk met zorgkosten. Benieuwd wat je nog wèl in mindering mag brengen op je inkomen? Lees het in deel 1 van de jaarlijkse serie van Business Insider over fiscale aftrekposten.

 

Wie gezond is en weinig zorgkosten maakt, kan nog maar weinig aftrekposten opvoeren. De kosten voor een bril of ooglaserbehandeling bijvoorbeeld zijn sinds enkele jaren niet meer aftrekbaar. Ook de premie van je zorgpolis en het eigen risico – die voor de meesten de grootste hap nemen uit het zorgbudget – vallen buiten de aftrek.

En áls je al kosten in aftrek mag brengen, geldt ook nog een forse drempel, die vooral hogere inkomens parten speelt. Ter illustratie: wie vorig jaar 50.000 euro verdiende, heeft te maken met een drempel van maar liefst 1.227 euro. Alleen de zorgkosten die daar bovenuit komen zijn dan aftrekbaar.

De overheid wil hiermee de aftrek beperken voor wie dit het hardst nodig heeft: chronisch zieken met hoge zorgkosten en een relatief laag inkomen. Benieuwd welke kosten nog aftrekbaar zijn?

Algemeen
Je mag de ziektekosten opvoeren van jezelf, je fiscaal partner en eventuele kinderen die jonger zijn dan 27 jaar en de kosten niet zelf kunnen dragen. Je mag alleen de kosten aftrekken waarvoor je geen vergoeding krijgt. Alles wat je terugkrijgt via je (aanvullende) zorgverzekering of andere instanties, zoals bijzondere bijstand, vallen dus buiten de aftrek. Ook ziektekosten die je voorschiet maar later alsnog krijgt vergoed mag je niet aftrekken.

Dat geldt ook voor de premie voor je ziektekostenverzekering en het eigen risico van 385 euro over 2016. De wettelijke bijdrage aan het Centraal Administratiekantoor (CAK), voor bijvoorbeeld hulp in de huishouding, thuiszorg of verblijf in een zorginstelling, valt eveneens buiten de aftrek.

Tandarts
Alle overige kosten komen wel voor aftrek in aanmerking. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een dure tandheelkundige behandeling die niet of slechts gedeeltelijk wordt gedekt door je zorgverzekering. Of aan bezoekjes aan de logopedist, fysiotherapeut, homeopaat of acupuncturist waarvoor je je niet aanvullend hebt verzekerd.

Medicijnen
Het heeft geen zin het bonnetje te bewaren van het pakje paracetamol dat je bij de drogist koopt. Aftrek is namelijk alleen mogelijk voor de kosten van medicijnen die door een arts zijn voorgeschreven en die je volledig uit eigen zak hebt betaald. Dit kunnen ook homeopathische medicijnen zijn. Let wel: het gaat alleen om medicijnen die als geneesmiddel worden gebruikt. Medicatie om een ziekte te voorkomen is niet aftrekbaar.

Dieet
Voor dieetkosten geldt een vergelijkbaar regime. Een afslankkuur bij de drogist mag je niet als aftrekpost opvoeren, maar de rekening van een dieet op voorschrift van een arts of diëtist wèl. Je mag hiervoor een vast bedrag aftrekken, afhankelijk van het type dieet. De hoogte hiervan kun je vinden in deze dieetlijst van de Belastingdienst.

Heb je dit dieet maar een deel van het jaar gevolgd, dan moet je deze aftrekpost naar rato opvoeren. Ben je bijvoorbeeld drie maanden op dieet geweest, dan mag je van het vaste bedrag uit de lijst dus een kwart aftrekken.

Als je twee dezelfde diëten hebt gevolgd voor verschillende ziektebeelden, mag je éénmaal tot aftrek overgaan. Dit geldt ook als je voor hetzelfde ziektebeeld twee of meer diëten van deels dezelfde typering volgt. Je mag wel het hoogste bedrag kiezen.
Maar volg je twee diëten met verschillende typeringen voor hetzelfde ziektebeeld, dan mag je het bedrag voor beide diëten aftrekken.

Hulpmiddelen
Voor medische hulpmiddelen moet je goed op de lijst van de Belastingdienst kijken, want lang niet alles mag je  in mindering brengen. Bonnetjes voor de aanschaf van bijvoorbeeld steunzolen, een gehoorapparaat of een prothese mag je opvoeren, evenals alle nota’s voor reparaties, onderhoud en de verzekering van deze hulpmiddelen. Maar voor bijvoorbeeld de aanschaf van een rollator, looprek, krukken, een scootmobiel of rolstoel geldt dat sinds enkele jaren niet meer. Voor een eerder gekochte scootmobiel of rolstoel mag je nog wel de afschrijvingskosten opvoeren (zie verderop).

Hulpmiddelen die je gezichtsvermogen vervangen, zoals een blindenstok, een blindengeleidehond of specifieke aanpassingen aan de computer, zijn eveneens aftrekbaar. Maar middelen die jou helpen beter te zien, zoals een bril, contactlenzen of een ooglaserbehandeling, zijn dat niet.

Heb je vorig jaar een gehoorapparaat gekocht waarvan een deel van de kosten niet werd vergoed, dan mag je het deel dat je zelf hebt betaald aftrekken. Voorwaarde is wel dat de meerprijs is ontstaan omdat je een duurder apparaat wilde hebben om functionele redenen (bijvoorbeeld omdat dat apparaat beter is of prettiger zit). Heb je een duurder apparaat aangeschaft vanwege een persoonlijke voorkeur (bijvoorbeeld omdat je liever een andere kleur wilde), dan zijn deze extra kosten niet aftrekbaar. Ook voor deze aftrekpost geldt dat kosten alleen aftrekbaar zijn als deze niet onder het verplicht en vrijwillig eigen risico of een verplichte eigen bijdrage vallen.

Afschrijvingen
De kosten voor een rolstoel of scootmobiel zijn niet meer aftrekbaar. Maar eventuele afschrijvingskosten zijn dat voorlopig nog wel. Heb je zo’n vervoermiddel voor 2014 aangeschaft en nog niet helemaal afgeschreven, dan mag je het bedrag van de afschrijving blijven aftrekken tot de afschrijvingstermijn is verlopen. Die bedraagt in de meeste gevallen vijf jaar. Houd hierbij wel rekening met de restwaarde. Meestal is dat 10 procent.

Afschrijven is vaak nodig voor hulpmiddelen die na gebruik nog door andere mensen kunnen worden overgenomen. Dit geldt over het algemeen niet voor hulpmiddelen die op maat zijn gemaakt of speciaal voor jou zijn aangepast.

Woningaanpassingen
De kosten voor aanpassingen aan een woning, zoals een aangepaste doucheruimte, zijn sinds 2014 niet meer aftrekbaar. Ook energiekosten of huur voor een aangepaste woning of extra kosten omdat bijvoorbeeld vloerbedekking vanwege een rolstoel sneller slijt mag je niet in mindering brengen. Dat geldt eveneens voor de kosten voor een verhuizing naar een verzorgingshuis en de inrichting van de nieuwe woonruimte.

Overige aanpassingen
Andere aanpassingen, bijvoorbeeld aan je auto of computer, zijn wel aftrekbaar, mits deze vooral worden gebruikt door de zieke of invalide persoon waarvoor die aanpassingen zijn bedoeld.

Vervoer
Chronisch zieken die vaak naar hun huisarts of het ziekenhuis moeten, spenderen aanzienlijk meer geld aan vervoer dan gezonde mensen. Deze extra kosten mag je aftrekken, met aftrek van eventuele vergoedingen van je zorgverzekeraar. Maak je vanwege je ziekte extra vervoerskosten, dan moet je wel aannemelijk kunnen maken dat je duurder uit bent dan iemand met een vergelijkbaar inkomen die niet ziek of invalide is. Om hierachter te komen kun je je eigen kosten vergelijken met de gemiddelden op de website van het Nibud.

Om alvast een indicatie te krijgen: een alleenstaande besteedt gemiddeld 107 tot 328 euro per maand aan vervoer, afhankelijk van de hoogte van het netto-inkomen. Staat er in de Nibud-tabel bij jouw inkomen en huishouden een bedrag van 311 euro, maar geef je iedere maand 370 euro uit aan vervoer, dan mag je voor die maand dus 59 euro als aftrek opgeven bij de belastingaangifte.

Reiskosten voor familiebezoek
Ook de reiskosten voor ziekenbezoek aan huisgenoten zijn aftrekbaar. Dit geldt alleen als de patiënt in totaal langer dan een maand is verpleegd voor dezelfde aandoening. De afstand tussen jullie woning en het ziekenhuis/verzorgingstehuis moet bovendien langer zijn dan tien kilometer. Voor autoritjes mag je 19 cent per kilometer aftrekken en voor tripjes per taxi of het openbaar vervoer de werkelijke reiskosten.

Gezinshulp
Wie extra gezinshulp krijgt, mag onder voorwaarden de kosten aftrekken. Verdiende je vorig jaar meer dan 31.024 euro, dan mag je alleen de kosten opvoeren die boven een bepaalde drempel uitkomen. Deze bedraagt 1, 2 of 3 procent van je inkomen, afhankelijk van de hoogte van je zogeheten drempelinkomen: het resultaat van alle inkomsten en aftrekposten. Zoals gezegd is de wettelijke eigen bijdrage aan het CAK voor bijvoorbeeld hulp in de huishouding of thuiszorg niet aftrekbaar.

Kleding en beddengoed
Een andere aftrekpost zijn kosten voor extra kleding en beddengoed. Voor deze uitgaven mag je een vast bedrag aftrekken: 300 euro (een tientje minder dan in 2015). Kun je aantonen dat de extra uitgeven hoger waren dan 600 euro, dan geldt een hogere aftrekpost, van 750 euro. Voorwaarde om voor deze fiscale tegemoetkoming in aanmerking te komen is wel dat de kosten rechtstreeks het gevolg zijn van ziekte of invaliditeit en dat deze ziekte (naar verwachting) minimaal een jaar duurt. Je moet de kosten verder naar rato opvoeren. Ben je bijvoorbeeld vanaf juli ziek geweest, dan mag je dus de helft van het bedrag aftrekken.

Overige ziektekosten
Wil je weten welke overige kosten aftrekbaar zijn, kijk dan op dit overzicht van de Belastingdienst.

Uitvaart
De kosten voor uitvaart of crematie vormen geen aftrekpost voor ziektekosten. Je mag deze wel aftrekken van de erfenis. Wel moet je van deze kosten eventuele uitkeringen van een uitvaartverzekering aftrekken. De vrijstelling banksparen voor uitvaartkosten is in 2016 vervallen.

Drempel
Heb je alle kosten bij elkaar opgeteld, dan is het nog steeds de vraag of je voor aftrek in aanmerking komt. Je mag namelijk alleen het deel van de uitgaven aftrekken dat uitkomt boven een bepaalde drempel. De hoogte van deze drempel hangt af van je drempelinkomen.

De lat ligt hoog, vooral voor hogere inkomens. Voor een inkomen onder de 7.563 euro ligt de drempel op 128 euro. Komt je drempelinkomen niet boven de 40.175 euro uit, dan bedraagt de drempel 1,65 procent van dat inkomen. Verdien je meer dan 40.175 euro, dan geldt een drempel van 662 euro, plus 5,75 procent van het bedrag boven 40.175 euro. Een rekenvoorbeeld: verdiende je vorig jaar bijvoorbeeld 50.000 euro verdiend, dan ligt de drempel op 1.227 euro (662 plus 565 euro). Alleen de zorgkosten die daar bovenuit komen mag je aftrekken.

Voor mensen met een fiscaal partner geldt voor een gezamenlijk inkomen onder 15.126 euro een drempel van 256 euro. Daarboven gelden dezelfde drempels als bij mensen zonder fiscaal partner. Deze bedragen worden dus niet verdubbeld. Je moet wel de zorgkosten en beide inkomens bij elkaar optellen.

Voor lagere inkomens: extra verhoging
De overheid komt mensen met een laag inkomen extra tegemoet: zij mogen meer aftrekken dan ze in werkelijkheid hebben betaald voor zorgkosten. Komt je (gezamenlijke) drempelinkomen niet boven de 34.027 euro uit, dan mag je namelijk het bedrag voor de uitgaven voor specifieke zorgkosten verhogen met een bepaald percentage: 113 procent voor wie op 1 januari 2016 de AOW-leeftijd had bereikt en 40 procent voor wie op dat moment nog niet de AOW-leeftijd had bereikt.

Heb je een fiscaal partner en heeft een van beiden nog niet de AOW-leeftijd bereikt, dan mogen beide partijen een verhoging van 113 procent doorvoeren. Let wel op: de uitgaven voor genees- en heelkundige hulp en de reiskosten ziekenbezoek tellen niet mee voor deze verhoging. Alle overige posten wel.

 

Bron: Business Insider

 

Lees meer »

Paniek om niets of reden tot ongerustheid? De afschaffing van de VAR laat de gemoederen niet onberoerd. Wordt alles anders voor opdrachtgevers en zzp’ers onder de nieuwe Wet DBA? Staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes: ‘Laten we ophouden met ingewikkeld doen.’

 

Jarenlang fungeerde hij als houvast voor opdrachtgevers en zelfstandigen zonder personeel: de Verklaring arbeidsrelatie. De VAR gaf de opdrachtgever vrijwaring: had een zzp’er er een, dan hoefde zijn opdrachtgever geen loonheffingen in te houden en te betalen. Sinds 1 mei bestaat de VAR niet meer. In plaats daarvan kwam de Wet DBA. Opdrachtgevers en zzp’ers moeten voortaan samen bepalen of er sprake is van een dienstverband en kunnen dat eventueel vastleggen in een modelovereenkomst. Sindsdien verschijnen er regelmatig noodkreten in de pers: opdrachtgevers zouden het teveel gedoe en teveel risico vinden en zzp’ers links laten liggen of vluchten in payroll-constructies. Wordt het tijd voor Eric Wiebes, staatssecretaris van Financiën en verantwoordelijk voor de Belastingdienst, om in te grijpen?


 
Of het nu om een werknemer in loondienst gaat of om een zzp’er: het is superbelangrijk voor een ondernemer om vooraf zekerheid te hebben over de kosten. Begrijpt u dat?

‘Natuurlijk. Onzekerheid is echt een van de weinige producten waar helemaal niemand bij gebaat is. De opdrachtgever niet, de opdrachtnemer niet, de Belastingdienst niet en de samenleving als geheel niet. Gelukkig heeft onze Belastingdienst een heel goede traditie als het gaat om het bieden van zekerheid vooraf.’


 
‘LATEN WE ELKAAR NU GEEN SPROOKJES VERTELLEN DE HELE TIJD’


 
Kunnen opdrachtgevers en zzp’ers ook onder de nieuwe Wet DBA die zekerheid krijgen?

‘Absoluut. Die VAR was namelijk eigenlijk een heel onlogisch ding: het was een soort deken waar van alles onder zat en waardoor de opdrachtgever gevrijwaard was. Sinds 1 mei  zijn opdrachtgever en opdrachtnemer er samen verantwoordelijk voor dat hun arbeidsrelatie klopt.’


 
Bedoelt u daarmee dat het een opschoonactie is tegen schijn­constructies?

‘Nee, dat is niet de intentie. Hoe ik het zie, is dat onder de deken van de VAR een heleboel dingen gebeurden die keurig in orde waren, een paar dingen die wel konden maar niet helemaal op die manier, en ook een paar dingen die echt niet pluis waren. Mijn doel is niet om schijnconstructies te bestrijden maar om ze te voorkomen.’
‘In verreweg de meeste branches is het prima mogelijk om buiten dienstverband te werken. Dat zien we gewoon. Dat is ook mooi, daar zijn we trots op. Het is een fantastische manier om met elkaar te werken. Dat moet een vrije keus zijn. Daarom is het goed om duidelijker te maken hoe dat kan. Mijn ideaal is dat de Belastingdienst geen enkele boete hoeft uit te delen.’

 

 
Geen paniek a.u.b.

Sinds 1 mei van dit jaar geldt de Wet DBA en moeten opdrachtgevers en zzp’ers bekijken of het nodig is om hun relatie voor de Belastingdienst vast te leggen in een model­overeenkomst. Daar hebben ze nog wel even de tijd voor: er is een implementatie­periode van een jaar vastgesteld waarin de Belasting­dienst de handhaving op een laag pitje zet en zich vooral bezighoudt met het uitleggen van de regeling en het begeleiden van opdracht­gevers en zzp’ers. Opdrachtgevers lopen dit jaar dus nog geen risico’s op boetes of aanslagen.

 


Die nieuwe manier van werken zorgt nu wel voor onzekerheid onder zzp’ers en opdrachtgevers.

‘Ik vind dat niet terecht, maar wel begrijpelijk. Je hebt altijd eerst een fase van bewustwording en van gewenning. Maar daarna wordt het een normale werkpraktijk waarbij iedereen weet dat het zo goed zit. In de meeste grote branches zie je dat voor praktisch alle mogelijke manieren van werken nu al wel een modelcontract beschikbaar is. Daarom is mijn oproep ook: laten we vanaf nu ophouden met ingewikkeld doen en gewoon aan het werk gaan. Niet eindeloos doorvragen naar de details en die willen vastleggen – en dat geldt zowel voor ondernemers als voor de Belastingdienst – maar gewoon beginnen.’


 
Zegt u daarmee dat het geen zin meer heeft om nieuwe modelovereenkomsten voor te leggen aan de Belastingdienst?
‘Ik zou zeggen: maak gebruik van wat er is. Want er is genoeg voorhanden. Met de tien algemene modelovereenkomsten die zijn goedgekeurd door de Belastingdienst en op de site staan, kan iedereen uit de voeten. En dan zijn er nu ook al vijftig sectorale modelovereenkomsten. Maak daar gewoon gebruik van. Laten we wel wezen: als iedere ondernemer zijn eigen modelovereenkomst gaat maken en de Belastingdienst die allemaal moet gaan beoordelen, hebben we een veel te grote klus. En de economie groeit nu, dus ga vooral lekker aan het werk.’


 
En dan krijg je als ondernemer niet alsnog de Belastingdienst op je nek?

‘Als je je gewoon normaal gedraagt, is er niets aan de hand. En dan kunnen er heus nog wel eens een keer wat dingen tussendoor glippen, maar dan legt de Belastingdienst je ook echt niet meteen op het hakblok. Zo werkt het nooit en zo zal het ook nu niet werken. De Belastingdienst is geen adviseur, maar ik heb de dienst wel gevraagd om niet in de nee-modus te gaan zitten en uit te leggen wat er wel kan.’

 

 

Wel/geen dienstbetrekking?

Of de relatie tussen een opdrachtgever en een opdrachtnemer als dienstverband geldt voor de Belastingdienst, hangt af van drie zaken: er moet sprake zijn van persoonlijke arbeid, van loon en van werkgeversgezag. Ontbreekt er één van deze drie dan is van loondienst geen sprake.Iets telt bijvoorbeeld niet als persoonlijke arbeid als een zzp’er zelf een vervanger mag regelen (die wel gekwalificeerd moet zijn voor het werk). En van werkgeversgezag is geen sprake als er alleen afspraken worden gemaakt over het eindresultaat. Aanwijzingen en instructies gericht op het resultaat van de opdracht zijn ook geen vorm van werkgeversgezag. Maar op het moment dat een zzp’er in de werkkleding van het bedrijf op precies dezelfde manier als andere werknemers met het gereedschap van de werkgever zijn werk doet, zal de Belastingdienst waarschijnlijk spreken van een dienstverband. Dit was overigens ook bij de VAR al het geval.

 

 
Dus als je een constructie voorlegt die niet blijkt te mogen, loop je niet het risico dat je met terugwerkende kracht met boetes om de oren wordt geslagen?

‘Nee, de insteek is om samen te kijken hoe het dan wel kan. En in de meeste branches zijn daar ook oplossingen voor. Vervolgens is het een kwestie van proefdraaien en dan pas kom je bij handhaving. Maar ook dan geldt: als je te goeder trouw bent en je zit in het grijze gebied, dat de Belastingdienst eerst zal zeggen: let hier eens op.’
 


Levert die Wet DBA opdrachtgevers niet zoveel gedoe op dat zzp’ers minder aantrekkelijk worden?

‘Nee, dat denk ik niet. Natuurlijk is het even wennen, maar dit is niet iets dat je elk jaar hoeft te doen. Zo’n modelovereenkomst is ook helemaal niet verplicht als duidelijk is dat de opdrachtnemer een echte ondernemer is, en dat is in de meeste gevallen zo. Laten we het niet moeilijker maken dan het is.’


‘Als ik nóg een oproep mag doen: laten we elkaar nu geen sprookjes vertellen de hele tijd. Dat je zzp’er via payrollers zou moeten gaan inhuren, is echt objectief onzin. Natuurlijk kunnen er goede redenen zijn om met payrollers te werken, maar de afschaffing van de VAR heeft daar echt niets mee te maken.’

 

Eric Wiebes: ‘Laten we het niet moeilijker maken dan het is’



Gaat de Belastingdienst meer werk maken van de Wet DBA dan ze deed bij de VAR?

‘De Belastingdienst zal vooral werk maken van die zekerheid vooraf en van goede communicatie met bedrijven. Ik  heb trouwens ook genoeg ondernemingen gesproken die aangeven best blij te zijn met een gelijker speelveld. Zodat ze niet meer op hoeven te boksen tegen collega-bedrijven die de wet wat anders interpreteerden. Dat concurreert wel zo eerlijk.’


 
Wat bedoelt u daarmee?

‘In sommige situaties geldt gewoon: als het er niet uitziet als een ondernemer, als het niet ruikt als een ondernemer en als het zich niet gedraagt als een ondernemer, dan is het er waarschijnlijk ook geen. Neem een vrachtwagenchauffeur zonder eigen vrachtwagen, die zijn eigen route niet mag bepalen, geen zeggenschap heeft over zijn arbeidsvoorwaarden en zich niet mag laten vervangen. Wat is er nou precies zo ondernemend aan deze meneer? Als de concurrent die mensen gewoon in dienst heeft, wat is daar dan zo gek aan?’


 
Er zijn genoeg situaties waarin het diffuser ligt. Mag je als zzp’er nog een t-shirt aan van de baas en dat soort dingen.

‘Om dat soort details nou allemaal in een modelovereenkomst te gaan zetten, lijkt me niet zo productief. Als ik een onderneming had, zou ik me verder niet zo druk maken over de details. Dat soort kleine dingen leiden echt niet meteen tot boetes. De Belastingdienst is een heel redelijke partij.’

 

Vier misverstanden over de modelovereenkomst


Misverstand 1: Het is verplicht om met een modelovereenkomst te werken
Dit is niet waar. Als een opdrachtgever met een zzp’er gaat werken, moeten ze wel samen bepalen of er sprake is van loondienst. In veel gevallen is het duidelijk dat hiervan geen sprake is. In twijfelgevallen biedt een model­overeenkomst zekerheid, maar dat is niet verplicht.
 
Misverstand 2: Modelovereenkomsten leveren geen enkele zekerheid op
Alle modelovereenkomsten die te vinden zijn op de website van de Belastingdienst zijn goedgekeurd. Als er volgens zo’n modelovereenkomst wordt gewerkt, is duidelijk dat er geen sprake is van loondienst en dat de opdrachtgever geen loonheffingen hoeft in te houden en te betalen.
 
Misverstand 3: Werken met model­overeenkomsten levert ontzettend veel werk op 
Dat is niet het geval. Als het al nodig is om met een modelovereenkomst te werken, dan hoeft dit niet meer werk op te leveren dan nu met de VAR. Het is niet nodig om voor elke situatie een specifieke modelovereenkomst te maken. Wel moet het voor beide partijen duidelijk zijn volgens welke modelovereenkomst wordt gewerkt. De modelovereenkomsten hebben een geldigheid van vijf jaar.
 
Misverstand 4: Als opdrachtgever kun je voortaan beter werken via intermediairs
Voor het verkrijgen van zekerheid maakt het niet uit voor opdracht­gevers of ze rechtstreeks zaken doen met zzp’ers of werken via een intermediair (zoals een payrolling-bedrijf of uitzendbureau). Ook die relaties moeten worden beoordeeld op de vraag of er sprake is van een dienst­betrekking. Mocht dat volgens de Belastingdienst het geval zijn, dan blijft de opdracht­gever niet buiten schot.

 

Bron: VNO-NCM.nl

 

Lees meer »

De Belastingdienst is erg streng bij de beoordeling van modelovereenkomsten die zelfstandigen en hun opdrachtgevers zelf hebben opgesteld.

 

Van de 2.217 modelovereenkomsten die de Belastingdienst tot 1 augustus heeft behandeld zijn er slechts 370 goedgekeurd. Dat blijkt uit cijfers die het ministerie van Financiën heeft vrijgegeven na een Wob-verzoek van MKB Belangen, dat opkomt voor kleinere ondernemers in Nederland.

 

De fiscus keurde 1.033 modelcontracten af, en 814 verzoeken werden ingetrokken na kritiek van de Belastingdienst. De resterende 2.264 verzoeken zijn nog in behandeling.

 

Volgens directeur Adrienne van Veen van MKB Belangen “blijkt de toetsing van zzp-contracten een bloedbad te zijn”.

 

Staatssecretaris Eric Wiebes meent echter dat de nieuwe wet goed werkt in branches zoals de zorg en bouw waarin veel zelfstandigen actief zijn. Dat laat hij via een woordvoerder weten aan het Financieele Dagblad. Als de fiscus een modelovereenkomst afkeurt, komt dit in veel gevallen omdat er geen sprake blijkt van ondernemerschap.

 

VAR-vervanger

Zzp’ers en opdrachtgevers kunnen als er twijfel bestaat over de arbeidsrelatie sinds 1 mei een modelovereenkomst sluiten. Dat hoeft in lang niet alle gevallen. Bij een schilder die wekelijks andere klussen heeft, is het duidelijk dat hij ondernemer is. Een modelovereenkomst is dan niet nodig.

 

Bij twijfel kan een zzp’er met zijn opdrachtgever gebruikmaken van een modelovereenkomst. Dat is het gevolg van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties, de nieuwe regeling die de VAR vervangt en schijnzelfstandigheid tegen moet gaan. Daarbij zijn werkgevers en zzp’ers samen verantwoordelijk voor het opstellen en naleven van de overeenkomst die ze aangaan.

 

De Belastingdienst kan achteraf alsnog beoordelen dat niet aan de regels is voldaan als er niet volgens de afspraken in de modelovereenkomst is gewerkt. Als de fiscus oordeelt dat er sprake is van een fictieve dienstbetrekking, moet de opdrachtgever toch loonheffing en sociale premies afgedragen.

 

Voorbeeldcontracten

De Belastingdienst heeft dertig voorbeeldcontracten gepubliceerd, maar voor veel zelfstandigen en opdrachtgevers zijn deze te algemeen. Daarom stellen branche-organisaties en individuele zzp’ers zelf modelovereenkomsten op die zijn toegesneden op de sector of branche. Die contracten worden voorgelegd aan de Belastingdienst ter beoordeling.

 

Maar volgens directeur Van Veen van MKB Belangen is het onduidelijk waar de overeenkomsten precies aan moeten voldoen. “De Belastingdienst keurt ongeveer driekwart af. Onder ondernemers heerst onzekerheid en angst.”

 

Elf weken wachten

De doorlooptijd van de procedure was bijna 11 weken, aldus het ministerie van Financiën. “Je kunt het je toch niet veroorloven om elf weken te wachten om een opdracht aan te kunnen nemen?”, reageert Van Veen.

 

Staatssecretaris Wiebes zei eerder dat er na 1 mei een forse instroom van verzoeken op gang gekomen. Op 1 augustus was er een stuwmeer ontstaan van ruim 2.200 overeenkomsten die nog niet in behandeling zijn genomen.

 

De fiscus heeft een speciaal team geformeerd, waardoor het volgens de staatssecretaris in principe mogelijk is om een verzoek sneller af te handelen.

 

Bron: Business Insider

 

Lees meer »

Het grootste gedeelte van de modelcontracten tussen zzp'ers en hun opdrachtgevers is door de Belastingdienst afgekeurd. Dat blijkt uit kerncijfers die via een WOB-verzoek zijn opgevraagd door de organisatie MKB Belangen, meldt de NOS.

 

Sinds 1 mei is de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) vervangen door de modelovereenkomst. Deze contractvorm zou zzp'ers meer bescherming bieden tegen misbruik door opdrachtgevers. De modelovereenkomst moet aantonen dat zij echt als zelfstandige werken, en niet als een verkapte werknemer.

 

Van de 4.481 aan de Belastingdienst voorgelegde modelcontracten zijn er slechts 370 goedgekeurd. Dat wil zeggen dat de Belastingdienst er in de overige gevallen reden ziet tot twijfel of de zzp'er wel echt als zelfstandige werkt. MKB Belangen spreekt van een 'bloedbad'.

Een woordvoerder van de Belastingdienst noemt dit tegenover de NOS 'onzin'. 'De meeste zelfstandigen kunnen gewoon aan de slag met modelovereenkomsten die op de site van de Belastingdienst staan'.

De bedoeling van de afschaffing van de VAR is om ook de opdrachtgever verantwoordelijk te maken voor schijnzelfstandigheid. Voorheen droeg alleen de zelfstandige hiervoor de verantwoordelijkheid en kon die een hoge boete verwachten als de Belastingdienst oordeelde dat er toch sprake leek van een werkgevers-werknemersrelatie.

 

Bron: Volkskrant

Lees meer »

Ik ben een kleine zelfstandige die weinig rekeningen per jaar verstuurt. Kan de bank mij verplichten een dure zakelijke bankrekening te nemen?

 

Ja, helaas. Banken brengen flink meer geld in rekening aan bedrijven voor het gebruik van een zakelijke bankrekening. U laat weten geen gebruik te maken van de extra diensten die daarbij horen. Dat is op zich geen reden om minder te betalen, want u kúnt er wel gebruik van maken. Banken melden in de algemene voorwaarden op de website dat het niet is toegestaan een privérekening zakelijk te gebruiken.

Ik zou toch altijd een aparte rekening nemen voor mijn bedrijf. U houdt privé en zakelijk dan beter uit elkaar. Bijvoorbeeld als u printerinkt betaalt met uw zakelijke bankpas, vergeet u het later niet deze kosten mee te nemen bij de belastingaangifte.

De grote banken (ING, ABN, Rabo) gaan slecht met hun tijd mee. Een zelfstandige moet dezelfde bankrekening nemen als een ondernemer uit het midden- en kleinbedrijf, hoewel hij vaak geen behoefte heeft aan zakelijk krediet of een boekhoudprogramma. De startende ondernemer krijgt bij deze banken soms een goedkoop betaalpakket, maar gaat na een of twee jaar toch het volle pond betalen - al gauw 150 tot 200 euro per jaar.

Knab doet dat veel beter. De zakelijke rekening is hier even duur als een particuliere en kost 60 euro per jaar. SNS en ASN zijn ook goedkoper dan de grootbanken. Regio Bank heeft de V&S-rekening voor stichtingen en verenigingen, want die kunnen bij SNS, ASN en Knab niet terecht.

 

En als ik nou toch een privérekening gebruik?

De bank zou uw rekening kunnen afsluiten als u in strijd handelt met de voorwaarden
Een zelfstandige die enkele tientallen rekeningen per jaar stuurt, zal niet snel last krijgen als hij daarvoor een particuliere rekening gebruikt onder zijn eigen naam. Een werknemer kan tenslotte ook neveninkomsten ontvangen op zijn privérekening. De Belastingdienst stelt een zakelijke rekening niet verplicht. De bank kan u geen boete opleggen, maar zou de rekening wel kunnen afsluiten als u in strijd handelt met de voorwaarden.

U moet vooral uw zaken goed regelen. Doe de administratie. Hou uw uren bij voor de belastingen. Sluit u aan bij een broodfonds en/ of een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor als u (langdurig) ziek wordt. En check regelmatig of u niet naar een goedkopere bank kunt overstappen.
 
Lees meer »

Deel deze pagina, dank je